Ramses Shaffy was een Nederlands chansonnier en acteur. Na een carrière als acteur bij de Nederlandse Comedie maakte Shaffy sinds de jaren zestig furore als zanger. Liedjes als Sammy, We zullen doorgaan, Pastorale, Laat me en Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder werden in de jaren zeventig klassiekers.
Jeugd
Shaffy werd geboren in de Parijse voorstad Neuilly-sur-Seine, als zoon van een Egyptische diplomaat en een Poolse gravin van Russische afkomst. Hij groeide op in Cannes bij zijn moeder. Toen deze tuberculose kreeg, kwam Shaffy via een tante in Utrecht en een kindertehuis, in een Leids pleeggezin terecht. Het afscheid van zijn moeder is een ingrijpend moment in zijn leven geweest, getuige zijn liedje De trein naar het noorden.
Carrière
Hij maakte de middelbare school niet af en werd in 1952 aangenomen op de Amsterdamse toneelschool. Vervolgens debuteerde hij in 1955 bij de Nederlandse Comedie. In 1960 reisde hij met zijn partner Joop Admiraal naar Rome in de hoop daar werk te vinden als filmacteur maar onverrichter zake keerden ze weer terug. De brieven aan hun gezamelijke vriendin Shireen Strooker werden in 2004 gebundeld in "Brieven uit Rome". In 1964 richtte Shaffy de theatergroep Shaffy Chantant op. Hij werkte langdurig samen met zangeres Liesbeth List en pianist Louis van Dijk. Het bekendste lied van de groep werd de Shaffy Cantate. Anderen - onder wie Thijs van Leer, op wie hij verliefd zou worden (aan hem is het lied "Jij bent nu daarbinnen" gewijd) - maakten korte tijd deel uit van zijn ensemble. Met Liesbeth List zette hij in 1968 onder andere het lied Pastorale op de plaat, een lied dat grote bekendheid zou verwerven.
Shaffy trad vanaf begin jaren tachtig ook weer op als acteur, zowel in films als op de planken (Toneelgroep Amsterdam). Hij oogstte in 1993 succes met zijn vertolking van Don Quichot in de musical De Man Van La Mancha van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen.
In 2002 maakte Pieter Fleury een documentaire over hem: ('Ramses: Où est mon prince'), die op het Nederlands Filmfestival in Utrecht een Gouden Kalf won. In 2003 schreef Bas Steman een belevingsbiografie over Shaffy, getiteld 'Naakt in de orkaan'.
Na enkele keren 's nachts op straat te zijn gemolesteerd, belandde Shaffy in een Amsterdams verpleegtehuis. Dit had ook te maken met langdurig overmatig alcoholgebruik waardoor hij verschijnselen vertoonde van het syndroom van Korsakov en epilepsie. In het najaar van 2005 stond hij voor het eerst sinds jaren weer in de hitparades, met een nieuwe versie van zijn hit 'Laat me' (uit 1978), dit keer samen gezongen met de band Alderliefste en Liesbeth List.
Op 5 mei 2009 werd bekend dat Shaffy aan slokdarmkanker leed. Op 1 december 2009 is hij hieraan overleden.